AIR ‘Tussen bouwafval en beukenbladeren’
De artist-in-residence ‘Tussen bouwafval en beukenbladeren’ stond in het teken van verspilling in de bouw en de vraag hoe we ons daar bewuster van kunnen worden. Wat gebeurt er met materialen die hun functie in een bouwproces hebben verloren, maar nog lang niet waardeloos zijn? En wat kunnen we leren van de manier waarop de natuur omgaat met wat wij als restmateriaal beschouwen?
Tijdens een rondleiding op het Landgoed werden we gewezen op een ruimte waar afgedankte bouwmaterialen waren verzameld. In die ruimte lag onder andere een grote bundel plastic waterleidingen. De leidingen waren als nieuw en konden zo opnieuw gebruikt worden. Toch waren ze afgedankt. Ik bleef ernaar kijken. Ik vond de bundel eigenlijk prachtig.
Van verspilling in de bouw naar de waarde van materiaal
Het was nadrukkelijk niet de bedoeling om van de aanwezige bouwmaterialen een nieuw kunstwerk te maken. Toch deed deze ruimte iets met mij. Wanneer iets dat nog waarde en gebruiksmogelijkheden heeft zomaar wordt weggegooid, raakt mij dat. Het maakt mij bijna fysiek onpasselijk.
Dat gevoel herkende ik uit eerdere projecten.
Tijdens de bouw van de houten kerk van Haren in de Wind werd dit besef voelbaar. Overal lagen afgezaagde uiteinden van planken in de meest mooie vormen. Voor het bouwproces waren ze niet meer bruikbaar, maar ik zag er nog steeds mooie stukken hout in. Door ze zorgvuldig te verzamelen en te ordenen ontstond een nieuw verhaal: een bouwvrouw en haar team maakten er bijzondere krukjes van.
Ook in mijn kunstinstallatie Ik ben het beu waarin ik fast fashion een indringend gezicht probeerde te geven, bracht ik dezelfde boodschap over: materiaal verdient respect, net als het ambacht en de arbeid die erin besloten liggen om een product te maken.
Van plastic buizen naar hout
Tijdens deze AIR lag de uitdaging anders. Ik wilde niet opnieuw materiaal redden door er letterlijk een nieuw object van te maken. Mijn vraag werd: kan een kunstwerk, een verbeelding zonder die bewuste materialen, zelf een vorm van bewustwording teweegbrengen?
Toen ik na de rondleiding naar huis reed, bleef de bundel plastic buizen in mijn hoofd hangen. Ik zag voor me hoe zo’n bundel, als hij in de natuur terecht zou komen, langzaam door begroeiing zou worden overgenomen. De natuur zou eromheen groeien, maar de kunststof zelf zou niet verdwijnen. De buizen zouden daar blijven liggen, ook wanneer alles eromheen verandert.
Vanuit dat beeld ontstond het idee om de bundel buizen als uitgangspunt te nemen voor een schilderij: een vreemd, onnatuurlijk element tussen bomen. Eerst ontstond het beeld van een meisje dat ongelukkig en machteloos tussen de bomen stond en geen raad wist met het materiaal dat in haar omgeving was achtergelaten.
Tijdens het schilderproces veranderde het beeld echter. Het hout kwam steeds meer op de voorgrond te staan. Daarmee verschoof ook de betekenis van het meisje. Zij werd niet langer iemand die machteloos tegenover de verspilling staat, maar juist iemand die een liefdevolle verbinding met de natuur vertegenwoordigt.
Geen opgeheven vinger, maar een zachte stem.
Hout
Hoewel bouwafval uit veel verschillende materialen bestaat, heb ik mij binnen deze AIR bewust geconcentreerd op hout. Hout heeft voor mij een bijzondere betekenis omdat het een directe verbinding met de natuur in zich draagt.
In een plank die op een bouwplaats als restmateriaal wordt beschouwd, zit nog altijd een boom besloten: aarde, wortels, groei, jaarringen, tijd, arbeid en bewerking. De plank is niet alleen een bouwmateriaal, maar ook het resultaat van een jarenlang natuurlijk en menselijk proces.
Mijn uitgangspunt werd daarom om een beeld te maken dat de waarde achter het materiaal zichtbaar maakt. Een beeld dat de kijker uitnodigt om opnieuw te kijken en zich bewust te worden van wat er in een materiaal besloten ligt: van groei in de natuur tot het menselijke productieproces. Juist daarom verdient het een zorgvuldiger omgang.
Weest wijs met hout
Een opgespannen gordijn vormt de drager van het schilderij. Daaroverheen heb ik een katoenen lap gespannen, waarop in het midden een meisje is geschilderd, tussen twee bomen.
Het werken met andere materialen dan een traditioneel schilderdoek was al langer een wens van mij. Dit schilderij geeft voor mijn gevoel in eerste instantie de sfeer weer van hoe ik de dag op het Landgoed ervaren heb. Tegelijkertijd dragen deze materialen een betekenis in zich: ze laten zien hoe iets wat ooit vanzelfsprekend was, kan veranderen in een herinnering.
Met ‘Weest wijs met hout’ wil ik ons laten nadenken over wat er gebeurt als we niet zorgvuldig met hout en bomen omgaan. Want als we niet leren om hout en bomen als waardevol te zien, kunnen ze uiteindelijk zelf nostalgie worden. Net als de oude kleedjes die in het schilderij zijn verwerkt: ooit vanzelfsprekend aanwezig, later een herinnering aan een wereld die er niet meer is.
Dat lijkt nu misschien ver weg en onvoorstelbaar. Als je om je heen kijkt, lijken bomen vanzelfsprekend aanwezig. Maar vanzelfsprekendheid is niet hetzelfde als oneindigheid. Dat geldt ook voor water: zolang iets beschikbaar is, staan we er nauwelijks bij stil. Pas wanneer het schaarser wordt of verdwijnt, realiseren we ons wat we hadden.
In het schilderij staat het meisje tussen de bomen. Ze kijkt niet beschuldigend en heft geen vinger. Ze draagt eerder een zachte boodschap uit: wees zorgvuldig met wat er is.
Weest wijs met hout is daarmee geen dreigende voorspelling, maar een liefdevolle waarschuwing. Een uitnodiging om opnieuw te kijken naar de oorsprong van het materiaal om ons heen en naar de tijd, natuur, arbeid en geschiedenis die daarin besloten liggen.
Een liefdevolle waarschuwing. Een uitnodiging om opnieuw te kijken naar de oorsprong van het materiaal om ons heen en naar de tijd, natuur, arbeid en geschiedenis die daarin besloten liggen.
Code oranje beschermvrouwe hout
Dit schilderij ontstond vanuit een gevoel van verspillingspijn. In het begin was het vooral een zoektocht. Gaandeweg veranderde echter de betekenis van het beeld. De vrouw die ik schilderde werd steeds meer een beschermvrouwe: een vrouw die het hout koestert, beschermt en de waarde ervan bewaakt.
Code oranje is voor mij een waarschuwingssignaal. Niet omdat hout of bosbouw op zichzelf bedreigd zijn, maar als artistieke oproep om bewuster te kijken naar de manier waarop wij met hout omgaan. Hout is geen anoniem bouwmateriaal. In ieder stuk hout zit een lange geschiedenis besloten: een boom die groeide, jaren die verstreken, natuur, arbeid, vakmanschap en menselijke bewerking.
De beschermvrouwe staat daar letterlijk voor. Zij waakt over het hout en maakt zichtbaar wat gemakkelijk uit beeld verdwijnt zodra een boom eenmaal tot plank is verwerkt.
Hout wordt gekapt, verwerkt en gebruikt, maar kan vervolgens ook achteloos worden weggegooid of verbrand. De beschermvrouwe vraagt de kijker om er opnieuw naar te kijken. Wees zuinig op wat waarde heeft.
???? (werkfoto, niet bestemd om te delen in wat voor vorm dan ook)
En dit is een ruimtelijk werk, hiermee wil ik het proces van boom naar plank verbeelden maar dit is nog een proces in wording…
Echter mijn fascinatie is het proces van de groei van een boom, jaren, en een besluit van afvalhout, 1 seconde, van een gewone plank om het wat eenvoudig te houden. Dat verschil….En natuurlijk zijn er al heel veel goede initiatieven maar ook op veel plekken nog niet. Maar je hebt gelijk dit kan ik nog beter uitdiepen en door die bladzijden, dikte van een boek, geef je mij wel weer inspiratie om hiermee verder te gaan, mooi!!!
